Je bent hier niet veilig!

06-05-2018

Dementie. Sommige mensen zijn 'blije' dementerenden, sommigen het compleet tegenovergestelde. Angst, onrust en agressie. Het zijn geen bijzonderheden wanneer je op een psychogeriatrische afdeling werkt.

Het is al een aantal jaar geleden dat ik het bijbaantje als verzorgende had en hiep op een gesloten afdeling voor dementerende mensen. Zo'n afdeling heet een psychogeriatrische afdeling en de mensen die hier wonen mogen alleen onder begeleiding de afdeling af. Sommige mensen zijn het direct gewend op zo'n afdeling, andere proberen te ontsnappen en verzetten zich volledig tegen het feit dat de deuren gesloten blijven. Iets wat best begrijpelijk is denk ik.

Op de afdeling had ik een cliënt waar ik direct een klik mee had. Jacob. Een schat van een man. Hij woonde al op de afdeling toen ik er kwam werken. Een flinke man, redelijk gezet van postuur, maar hij had een babyface. Hij kon blij worden van de kleinste dingetjes. Samen liedjes zingen uit de oude doos tijdens de verzorging en zijn dag was goed. Zijn lach was prachtig om te zien, zo'n lach waarvan je zelf opbloeit als je hem ziet. Hij had van die grote kijkers met een bril waarvan de glazen zo dik waren als jampotdeksels, maar het stond hem. Hij was de schat van de afdeling.

Hele rondes liep ik met hem over de afdeling. Hij vond er zijn rust in. Het deed hem goed. In de gangpaden stonden bankjes, waar hij soms neerplofte. Ik plofte graag naast hem neer. Altijd pakte hij dan mijn hand vast. Daar zaten we dan hand in hand. Ik, met mijn negentien jaar en hij met zijn drieëntachtig jaar. Tot de dag van vandaag vraag ik me af wat er soms in dat koppie van hem omging.

Eén dag vergeet ik nooit meer. Het is op mijn netvlies gebrand en in mijn geheugen geprent. Koffietijd en Jacob dronk graag een bakkie koffie met een flinke scheut melk. Voor iedereen was de koffie en thee gemaakt en zo ook voor Jacob. Iedereen kreeg er iets lekker bij, een koekje of chocolaatje, soms aardbeitjes of een stukje cake. We deden ons best om de mensen te verwennen. Ik ging naast Jacob zitten met mijn eigen bakje thee. Zijn koek in de hand en genietend van zijn bak koffie. Plots duwde hij zijn hand met de koek in zijn bak koffie. Hij gaf een harde brul en sloeg mij uit het niks in mijn gezicht. Ik keek hem direct terug aan, de angst was zichtbaar in zijn ogen. 'Jacob, wat doe je nou?!', vroeg ik hem wat geschokt en verbaasd. 'Oorlog! Je bent hier niet veilig! Ik moet je beschermen!! Ren weg! Ik ga vechten met ze, zoek dekking!', brulde hij. Poef, in één seconde een moodswing en gedachte die in zijn hoofd was geplant. Natuurlijk ging ik niet van zijn zijde, ik pakte zijn hand, net als wat hij bij mij deed zittend op de bankjes. Zijn hand in de mijne probeerde ik hem te kalmeren. Na een tijdje op hem inpraten werd hij rustiger.

Ik zette een nieuwe bak koffie voor hem en checkte mijn gezicht in de spiegel. Niks te zien, maar wel was het pijnlijk. Ik ging weer naast hem zitten. Hij zat er stilletjes bij. Het heeft de hele dag geduurd voor hij weer de oude was. Die verdomde oorlog heeft een flinke nasleep bij deze doelgroep. Ik zou willen dat ik een toverspreuk had om die vreselijke gedachten te verlichten, maar helaas, die heb ik niet..